Tegenstrijdig belang

door mr. J. van Arkel

Het bestuur bestuurt de BV. Maar wie bestuurt de BV als sprake is van een tegenstrijdig belang? Wat bepaalt de wet hierover? En welke rol spelen de statuten op dit punt? En wat moet eigenlijk onder 'tegenstrijdig belang' worden verstaan?

Van een tegenstrijdig belang is sprake indien de bestuurder (of: het bestuur) een besluit moet nemen of een rechtshandeling moet verrichten waarbij het belang van de BV (mogelijk) strijdig is (of kan worden) met dat van de bestuurder zelf. Denk bijvoorbeeld aan de situatie dat een arbeidsconflict ontstaat tussen de bestuurder (werknemer) en de BV (werkgever). Het zou vreemd zijn indien de bestuurder ook dan de BV vertegenwoordigt. De wet bepaalt daarom dat in gevallen van tegenstrijdig belang, niet het bestuur maar de commissarissen de BV vertegenwoordigen. Daarnaast is de vergadering van aandeelhouders te allen tijd bevoegd een persoon aan te wijzen die de BV in de betreffende situatie vertegenwoordigt. Dat kan ook een buitenstaander zijn.

De wet biedt echter tevens de mogelijkheid om grotendeels van de tegenstijdig belang-regeling in de statuten af te wijken. Enkel de bepaling dat de algemene vergadering van aandeelhouders te allen tijde een vertegenwoordiger kan aanwijzen, is dwingend recht, hetgeen betekent dat daarvan niet kan worden afgeweken. De rest van de regeling kan in de statuten dus gewoon worden weggeschreven. In de praktijk wordt daar vaak gebruik van gemaakt. In die BV's kunnen dus rare situaties ontstaan; De directeur kan zichzelf dan rechtsgeldig een salarisverhoging toekennen of zijn vrouw een goed betaalde functie binnen het bedrijf bezorgen, zonder dat andere organen hierin worden betrokken. Vaak worden de aandeelhouders pas achteraf bekend met een besluit of rechtshandeling van een bestuurder met een tegenstrijdig belang. In de meeste gevallen kunnen zij daar dan niets meer aan veranderen.

Indien een bestuurder met een tegenstrijdig belang toch een rechtshandeling namens de BV met een derde verricht (bijvoorbeeld de koop van een roerende zaak), kan de rechtshandeling door de BV (niet door de derde!) worden vernietigd, tenzij de derde te goeder trouw was. Dat is een derde niet automatisch. Op hem rust een onderzoeksplicht. Indien een redelijke aanleiding bestaat om te veronderstellen dat sprake is van een bestuurder met een tegenstrijdig belang, moet de derde actief onderzoek daarnaar verrichten. Laat hij dat na, dan is hij in de regel niet te goeder trouw. Indien de derde bekend is met het tegenstrijdig belang, is hij uiteraard eveneens niet te goeder trouw.

Uit de rechtspraak sinds 1928 is duidelijk geworden dat tegenstrijdig belang een ruim begrip is. Als leidraad zou kunnen worden gehanteerd dat sprake is van een tegenstrijdig belang indien de bestuurder bij zijn afwegingen omtrent een besluit of rechtshandeling niet uitsluitend naar de belangen van de BV handelt, maar (tevens) naar zijn eigen belangen of die van een andere (rechts)persoon. Enkele voorbeelden:

Voor alle betrokkenen (bestuurders, aandeelhouders, eventuele commissarissen en zelfs de betreffende derden) is het dus belangrijk om bekend te zijn met de specifiek geldende tegenstrijdig belang-regels en deze zo nodig consequent toe te passen.

Realisatie: TiDi Graphics